|

|
Tussen
Oost en West
Overeenkomsten tussen Tao,
zen, vedanta en ikonen.
Kees
van Veen en Rob van Kleef
Een jaar geleden werd op de Duitse televisie een
documentaire uitgezonden over Carlfried Graf von
Dürckheim, de Duitse meditatieleraar. In
dat beeldverslag waren opnamen van een Zuid- Duits
centrum waar mensen het schilderen van ikonen
afwisselden met zitten op een kussen en lopen
in een vierkant: zen en christendom bijeen.
Ons blad geeft graag aandacht aan de universele
onderstroom die aan ikonen ten grondslag ligt:
symbolen en levenswijsheid die in verschillende
religies en wijsheids-stelsels voorkomen. Ikonen
tonen ook sporen van 'oosters' denken en geloven
- tao, zen, vedanta religies: meditatiesystemen
en filosofieën die allemaal hun eigen eigen
doelen formuleerden en hun eigen beeldtaal gebruiken.
Kennelijk zijn elementen eruit verwant aan, of
te gebruiken samen met de ikonen van de Byzantijnse
kerk.
Dit verhaal is ontstaan uit gezamenlijk filosoferen
van bovenvermelde auteurs over die overeenkomsten
en verwantschappen.
Wij weten dat ikonen zijn ontstaan
in Byzantium, en dus feitelijk niet uit
het oosten komen. Wat is trouwens het oosten?
Het hangt er toch op z'n minst van af waar je
jezelf bevindt. In ons blad gebruiken we in plaats
van het 'oosters' christendom, dan ook meestal
het woord Byzantijns, al weten we dat ook dat
woord de lading niet dekt.
Waar begint oost en eindigt west? Die vraag kan
men zich ook stellen ten aanzien van onze huidige
leefwijze. Steeds meer dringen oosterse invloeden
door in velerlei aspecten van onze samenleving.
Jaren geleden kregen we de tip dat er een ikoon
van Boeddha in het bezit moest zijn van een Orthodox
klooster in Noord Amerika. We schreven en kregen
uiteraard de kous op de kop: want zoiets hoort
niet te bestaan. Wie echter weet dat Jeltsin ook
op ikonen is afgebeeld, en dat er streken zijn
waar het boeddhisme en het christendom elkaar
raken, kan er rustig van uitgaan dat ook die Boeddha-ikoon
bestaat. Daaruit mogen we concluderen dat het
onvermijdelijk is dat verschillende filosofische
en religieuze systemen elkaar hebben beïnvloed,
en dat sporen daarvan terug te vinden zijn in
ikonen.
Anders
benaderen
Als wij de ikoon van Joris en de draak bekijken,
zien wij dat Joris te paard zit en de draak met
een lans bewerkt. Op het oog een strijd van goed
(Joris, het paard) tegen kwaad (de draak).
Valt zo'n ikoon ook nog anders te begrijpen? Wordt
bijvoorbeeld die draak wel echt gedood - het kwaad
echt vernietigd? Op de ikoon komt er geen bloed
aan te pas - de draak lijkt te worden vastgepind
op de aarde. Je zou zelfs kunnen veronderstellen
dat de draak helemaal niet dood hoeft, maar in
de hand moet worden gehouden zodat deze zijn kwade
werk niet onbeperkt kan voortzetten. Dus moet
er 'een stokje voor gestoken worden'. De draak
moet worden beheerst, en daar houden Joris en
zijn paard zich mee bezig. Maar als Joris niet
de baas is over het het witte paard kan het hem
danig dwarszitten. Joris moet dus zowel het goed
als het kwaad in de hand houden. De lans en de
teugels zijn de hulpmiddelen die Joris in staat
stellen om in het zadel te blijven.
Binnen het taoïsme zou de bovenstaande interpretatie
wellicht aanvaardbaar zijn. Immers, de aanhangers
van deze leefwijze gaan er van uit dat goed (yang)
en kwaad (yin) onverbrekelijk met elkaar verbonden
zijn en elkaar oproepen.
Kwaad uitroeien is een onmogelijkheid zolang er
goed bestaat. De mens dient zowel het goede als
het kwade in zich zelf te erkennen en te leren
om die beiden te aanvaarden en beheersen. Slechts
uit het leren spelen van het spel van de dualiteit
komt het ware inzicht voort. Aan het eind van
het spel komt de geest weer in zichzelf tot rust
en is hij weer die hij altijd was. Eén
en onverdeeld.
Gelijksoortige benaderingen worden
door steeds meer mensen in het westen onderzocht
en toegepast. Dat levert een houding op waarbij
mensen proberen een beetje afstand te nemen van
zowel de kwade als de goede dingen. Ze kijken
er naar, vragen zich af welke betekenis het voor
ze kan hebben. Ze kiezen daarbij niet zo snel
voor goed of kwaad, maar proberen met beide zo
goed mogelijk om te gaan. Zo krijgt zelfs kwaad
zijn goede kanten en andersom. Kwaad wordt soms
zelfs beschouwd als de onmisbare aanjager van
het proces van bewustwording, dat voordurende
groei en beweging veronderstelt. Als een mens
in het kwade of in het goede gefixeerd raakt,
betekent dat stilstand, wat blokkades tot gevolg
heeft. In deze visie is de draak die door Joris
bestreden moet worden de stilstand. Als voorbeeld
kan men denken aan een gemeenschap waarbinnen
alleen het goede heerst. Het is voorstelbaar dat
men daar op een zeker moment indut, of dat men
de impuls mist die kan leiden tot verandering
of tot een quantum-sprong naar een
hoger bewustzijn. Eenzijdig streven naar het goede,
zonder oog te hebben voor de schaduwkanten, wordt
dan ook in sommige kringen het streven naar
vals licht genoemd. Ook vele westerse mystici
kwamen pas tot het goddelijk licht, nadat zij
eerst door de donkere nacht waren gegaan - als
door een wolk van niet weten.
Uit het voorgaande blijkt dat het mogelijk is
om andere duidingen te geven aan geluk en lijden,
dan ze te verbinden aan goed en kwaad. In het
oosten is dat grondslag geworden van verschillende
religieuze systemen - binnen het westerse christendom
werd er in kringen van mystici niet anders over
gedacht.
...Vervolg
van dit verhaal: Deel 2
|