Byzantium – Het Koninkrijk Gods op aarde – deel 5 – slot

Byzantium – Het Koninkrijk Gods op aarde – deel 5 – slot

Otto Tissing

Het paleizencomplex van de keizer, zo’n tweehonderd voetbalvelden groot, bood plaats aan tien appartementen als woonruimte voor de keizerlijke familie; vijf ontvangstzalen; vier kerken; negen kapellen; negen bidvertrekken; drie eetzalen; een bibliotheek; twee badhuizen; acht binnenplaatsen; een manege; acht privépaviljoens en zes gevangenissen. Van dit alles zijn tegenwoordig nog slechts enkele fragmenten terug te vinden.

Comnenen en kruisvaarders

De kruisvaarders nemen Constantinopel in.

De kruisvaarders nemen Constantinopel in.

Na de dood van haar zwager Constantijn IX regeert Keizerin Theodora nog een jaartje. Als ook zij sterft, wordt ze opgevolgd in 1056 door haar eerste minister Michael VI Stratioticus. Deze man blijkt opvallend onbekwaam en moet al het volgend jaar het veld ruimen voor een soldaat, Isaäk I uit het geslacht der Comnenen. Maar ook deze laatste moet zich al spoedig terugtrekken voor Constantijn X Doukas. Het is een onrustige en zeer instabiele tijd. Na bovengenoemde heren treden tot 1081 nog drie keizers aan die allen grote delen van het rijk verloren laten gaan.

Alexius I Comnenus komt door een staatsgreep aan de macht. Tijdens zijn regeerperiode vind de eerste kruistocht plaats, waarbij in 1099 Jeruzalem wordt veroverd en alle inwoners van de Heilige Stad op gruwelijke wijze vermoord. Alexius’ dochter, Anna Comnena, is later bekend geworden door haar teruggevonden dagboek, waarin zij alles opschreef over haar vaders regering.

Als Alexius in 1118 sterft, zet zijn zoon Johannes II Comne-nus de kroon op het hoofd. De restauratiepolitiek die zijn vader had aangevangen continueert deze man op grootse wijze; veel gebied wordt terugveroverd. Alexius kleinzoon echter, keizer Manuel I tracht daarna het oude Romeinse imperium te herstellen, maar hij faalt jammerlijk met achterlating van een compleet lege schatkist. Constantinopel is echter een wereldstad geworden met een inwonertal van 600.000.

De volgende heerser Alexius II is vijftien jaar oud als hij in 1183 door zijn opvolger Andronicus I (de laatste Comneen) wordt vermoord. Maar ook Andronicus is spilziek en maakt het niet lang; na twee jaar regeren wordt hij omgebracht tijdens een volksopstand.
Byzantium is financieel en moreel uitgeput als Isaäk II Angelus aantreedt. Hij weet niet beter te doen dan de toestand nog erger te maken dan die al is. Zijn broer Alexius III laat hem de ogen uitsteken en gevangen zetten. Domme politieke manoeuvres van Alexius wekken in 1202 de woede van de machtige stadstaat Venetië, waardoor de juist op gang gekomen vierde kruistocht – opgezet om Jeruzalem opnieuw van de ‘ongelovigen’ te bevrijden – zich tegen Byzantium richt. Na de verovering van Constantinopel in 1203 vlucht de keizer en wordt de blinde Isaäk II voor de tweede maal tot heerser verheven, nu samen met zijn zoon Alexius IV.

Het optreden van de kruisvaarders in Constantinopel is schandelijk. De bevolking komt in opstand tegen het westerse regiem. Dan grijpen de kruisvaarders in. Drie dagen lang plunderen zij de stad genadeloos. Kerken en kloosters worden niet ontzien. Kostbare schatten en relikwiëen (waaronder de Lijkwade) verdwijnen naar het Westen. De jonge Alexius IV wordt door de veroveraars vermoord; zijn vader sterft kort daarop van smart. Als wereldrijk gaat Byzantium op 15 april 1204 ten onder. Byzantijnse relieken kan men sindsdien ook in Limburg aan de Lahn, Venetië of Turijn vereren.

Westerlingen op de troon

De veroveraars van Constantinopel roepen nu een Latijns keizerrijk uit en plaatsen de Vlaming Boudewijn I als eerste op de troon. Hij en zijn opvolgers zijn zo onverstandig de plaatselijke bevolking de rituelen van de gehate Roomse Kerk te willen opdringen. De orthodoxe liturgie wordt verboden. Smeekbeden bij paus Innocentius III om hierin verandering te brengen, stuiten op onbegrip en onverdraagzaamheid. Ruim een halve eeuw blijven de verbitterde orthodoxen onder Westeuropese heerschappij en ontwikkelen in die tijd een diepe afkeer van alles wat Westers is. Zes Roomse keizers heersen achtereenvolgens over wat er van het oude orthodoxe rijk is overgebleven. Venetiaanse kolonisten maken in economisch opzicht in Constantinopel de dienst uit.

In het kleine vorstendom Nicaea regeren intussen de nazaten van de Byzantijnse keizer zonder veel macht door. Totdat in 1259 de generaal Michael VIII Paleologus, na de gebruikelijke kuiperijen, de keizerskroon verovert. Met hulp van de Genuezen slaagt hij er in 1261 in Constantinopel te heroveren.

De Paleologen

De paarden voor de gevel van de San Marco in Venetië zijn oorlogsbuit.

De paarden voor de gevel van de San Marco in Venetië zijn oorlogsbuit.

Tijdens wat genoemd wordt de Paleologenrenaissance beleeft Byzantium zijn laatste, schitterende bloeitijd, ondanks vele interne twisten en bedreigingen van buiten af. Door veroveringen van de Ottomaanse Turken slinkt het rijk gedurende Michael VIII’s regering snel in omvang. De in het nauw gedreven Michael zoekt toenadering tot Rome en op het concilie van Lyon komt het officieel tot een hereniging. Die daad wordt de keizer door het volk niet in dank afgenomen. Als hij in 1282 sterft, begraaft men hem in ongewijde grond, als een afvallige. Michaels zoon, Andronicus II, breekt daarop weer met Rome. Deze Andronicus weet door slecht bestuur het rijk te reduceren tot niet meer dan Constantinopel, het aangrenzende gebied van Anatolië en een deel van de Balkan. Toch regeert hij maar liefst zesenveertig jaar, tot zijn kleinzoon Andronicus III een opstand ontketent en de macht overneemt. Als ook hij sterft is zijn zoon Johannes V Paleologus nog pas zes jaren oud. Incompetente regenten nemen de macht in handen, wat tot een heilloze burgeroorlog leidt.

Opnieuw is het een buitenstaander die orde op zaken stelt; in 1347 trekt Johannes VI Cantacuzenus Constantinopel binnen en weet de rust te herstellen. De verbannen Johannes V echter keert na acht jaar terug en zet Cantacuzenus af. En bij deze ene terugkeer blijft het niet. Driemaal wordt Johannes V afgezet en keert hij terug op de troon. Tijdens zijn tweede regeerperiode zweert hij de orthodoxie af en wordt rooms-katholiek; het oude Byzantium wankelt.

Tegelijk veroveren de Turken steeds meer gebieden in Klein-Azië en weten zij ook vaste voet in Europa te krijgen. Ze veroveren Nicaea, Sofia en Thessaloniki. In 1422, als Manuel II Paleologus keizer is, belegeren zij een half jaar lang Constantinopel, zonder resultaat. Desondanks blijft de Turkse dreiging levensgroot aanwezig. Manuels opvolger, Johannes VIII, leidt in 1438 een delgatie naar Rome, bereid om alles te ondertekenen wat maar hulp van het Westen zou garanderen. Ook hij verloochent daar de orthodoxie. Als beloning predikt Paus Eugenius III daarop een kruistocht tegen de Turken, maar de haastig samengestelde legermacht gaat in de strijd roemloos ten onder. Het Westen zal na dit debacle het stervende Byzantium niet meer steunen. Na de dood van Johannes VIII in 1448 laat zijn broer Constantijn XI zich kronen. Hij zal de laatste Byzantijnse keizer zijn.

Ondergang

Mehmet II, de veroveraar van Constantinopel.

Mehmet II, de veroveraar van Constantinopel.

In 1451 erft een zekere Mehmet II de Turkse troon. Voor deze man – en al zijn onderdanen trouwens – is het bestaan van Constantinopel een doorn in het oog. Hij neemt zich voor deze christenenclave midden in ‘zijn’ gebied voor eens en altijd weg te vagen. Mehmet is niet de eerste Turkse leider met die doelstelling, maar hij is wel de man die de onderneming het meest drastisch aanpakt. Niets aan het toeval overlatend. laat hij door westerse ingenieurs kanonnen gieten van een voor die tijd uitzonderlijk kaliber. Mehmet heeft twee jaar nodig om zijn voorbereidingen te treffen en in april 1453 slaat hij zijn tenten op voor de muren van Constantinopel. Een groot bombardement breekt los, dat zes weken duurt. De verdedigers van de stad weten echter telkens in de nachtelijke uren de overdag beschadigde de muren te herstellen.

Behalve een landleger staat Mehmet ook een geduchte vloot ter beschikking. Opnieuw met hulp van westerse technici weet hij zijn schepen vanuit de Bosporus, over land, naar de haven – de Gouden Hoorn – van Constantinopel te slepen. Een gigantische onderneming, maar een slim plan, want de muren langs de haven zijn niet zo hoog en sterk als die aan de landzijde. De stadsbewoners echter weten met de moed der wanhoop alle aanvallen af te slaan.

De muren die na 1100 jaar toch vielen.

De muren die na 1100 jaar toch vielen.

Op 29 mei heeft Mehmet er genoeg van. Hij laat de stad van alle kanten tegelijk aanvallen. Door het kanonnenvuur bezwijkt een deel van de muren en de Turken stormen de stad binnen. Byzantium is verloren. De keizer zelf stort zich wanhopig in het strijdgewoel en sneuvelt. Drie dagen plunderen de Turken de stad van Constantijn. De christenen worden gedood of verdreven; het paleis van de keizer verwoest; de Aya Sophia, hét symbool van de oosterse christenheid, wordt een moskee. Gods Koninkrijk op aarde is niet meer.

Illustraties:
1. De kruisvaarders nemen Constantinopel in.
2. De paarden voor de gevel van de San Marco in Venetië zijn oorlogsbuit.
3. Mehmet II, de veroveraar van Constantinopel.
4. De muren die na 1100 jaar toch vielen.

 

148