Inleiding in de restauratie van ikonen

Inleiding in de restauratie van ikonen

Juan Parisius

Restauratie is het geheel van handelingen aan een beschadigd of gedeeltelijk verloren gegaan voorwerp met het doel deze terug te brengen in een van tevoren gedefinieerde toestand (definitie ICOM-CC).
 In de oorspronkelijke staat herstellen is een onjuiste term, immers een beschadigd voorwerp dat gerestaureerd is, blijft een gerestaureerd beschadigd voorwerp. Restaureren doet men al sinds mensenheugenis. Aanvankelijk betrof restauratie vooral het in de oude staat terugbrengen van historische gebouwen en bouwwerken (monumenten). Het restaureren van kunstobjecten kwam eind 19e eeuw tot ontwikkeling, met uitzondering van schilderijen-restauratie, die al langer een aparte discipline is.

Restauratie is altijd een ingrijpende gebeurtenis in het bestaan van het object. We kunnen een onderscheid maken tussen conserveren, – dit is het in standhouden van het object, waardoor verder verval tot stilstand wordt gebracht-, en het terugbrengen van verloren gegane delen zodat we weer een onverstoorde toegang tot het beeld krijgen. Van groot belang is dat restauratoren de ethische code nauwgezet volgen. Een gerestaureerd object mag niet afwijken van z’n oorspronkelijk beeld, en mag ook niet teveel hersteld zijn alsof het nooit beschadigd is geweest. Wel is het mogelijk dat na verwijdering van latere toevoegingen het uiterlijk volledig is veranderd. Belangrijk hierbij is dan de keuze(s) die men maakt voorafgaand aan de restauratie.

Ikonen restaureren

Het restaureren van ikonen is een specialisatie binnen het vakgebied. Vooral de gebruikte materialen voor de drager (dit is het geheel waarop de schildering is aangebracht), het gebruikte bindmiddel en pigmenten (ei-tempera), de opbouw van de schildering, de olifa (een vernis op basis van lijnolie met gemalen barnsteen), en niet in de laatste plaats het onderwerp, maken dat dit een vak op zich is.

Ook bij ikonen is het schoonmaken en conserveren het aller belangrijkste.
Het komt voor dat ikonen gedurende hun leven meerdere malen zijn overgeschilderd, en niet zelden is die overschildering gelijk aan de oudere onderliggende voorstelling. Gedurende de afgelopen vijfendertig jaar trof ik tijdens het restaureren vaak ikonen aan die vele decennia of zelfs eeuwen eerder op dezelfde drager waren aangebracht, over de oudere schildering heen. De onderliggende ikoon was dermate donker geworden dat de voorstelling niet meer was te zien. Omdat men toentertijd de kennis niet had om de donker geworden olifa te verwijderen, schilderden de monniken een nieuwe ikoon daar overheen, en niet zelden waren deze laatste overschilderingen ook meesterwerken. Des te moeilijker wordt het om dan een keuze te maken hoever te gaan met een restauratie.

Oorzaken die het verval kunnen beïnvloeden:

1. De werking van een houten drager als oorzaak bij het loslaten van krijt- en verflagen.

De beelddrager van een ikoon is opgebouwd uit een aantal planken, daar bovenop is met huiden- of beenderlijm een stuk linnen bevestigd. Vervolgens zijn er op het linnen zeven krijtlagen tot enkele millimeters dik aangebracht (dit is de levkas), hierop is met ei-tempera de schildering gemaakt, waarna het geheel met olifa is afgedekt.
Omdat hout onderhevig is aan krimp en uitzetting (afgifte en absorptie van vocht), en boven liggende lagen (de levkas) niet meewerken, is het van belang dat ikonen in de juiste klimaat-condities verblijven. De ideale temperatuur is 20 graden Celsius met een luchtvochtigheid van 58%.

Omdat het hout werkt (krimp en uitzetting) en de rest van de drager niet, ontstaan er tussen de verschillende lagen blazen (luchtkamers) die hun hechting met de plank hebben verloren. Bij langdurig achterstallig onderhoud vallen er gaten in de levkas of kan de verf afbladderen. Belangrijk is dat vroegtijdig de hechting van de levkas met het linnen en het hout wordt hersteld. Hiervoor bestaan een aantal technieken, waaronder impregneren en injecteren (in een volgend schrijven zal ik daar meer over vertellen).

Ook door het kromtrekken van de houten drager ontstaat er maar al te vaak een breuk over de lengte van de ikoon, en vallen er stukken uit de afbeelding. In zo’n geval moeten de delen weer verlijmd worden, de lagunes worden opgevuld met krijt, en retouches worden aangebracht.

2. Verkleuren van de vernislaag en aantasting van de verf

Door het verkleuren (donkerder worden) van de olifa wordt de toegang tot het beeld ons ontnomen. Dit verkleuren ontstaat door oxidatie/verbranding = opname van zuurstof. Bij een langdurige verbranding worden ook de pigmenten aangetast. Het ophalen van de oorspronkelijke kleuren is dan schier onmogelijk. In veel gevallen geeft men de voorkeur om slechts de verdonkerde vernis te verwijderen en het verkleurde pigment te laten zitten. Door blootstelling aan UV-licht verkleurt de verf ook. Het is daarom belangrijk dat schilderwerken niet in direct zonlicht worden geplaatst.

Voor het schoonmaken van ikonen en/of verwijderen van de olifa zijn er een aantal stoffen die we kunnen onderbrengen in groepen. De belangrijksten daarvan zijn; alcoholen, ketonen, ester, ether, en stikstof houdende verbindingen basen en zuren.
Schimmels, rook, agressieve dampen, etc. en insecten zoals houtworm, kunnen ook schade toebrengen aan uw ikoon. In een volgend schrijven zal ik hier uitgebreid op ingaan.

Mocht U al naar aanleiding van deze inleiding vragen hebben over uw eigen ikonen dan kan u mij bereiken op telefoonnummer:
06-10381998.

Enkele voorbeelden van restauraties


Nicolaas van Mojzaisk, 17e eeuw, Rusland

Nicolaas van Mojzaisk, 17e eeuw, Rusland

De hier getoonde restauraties zijn allen door mijzelf verricht, in opdracht van verschillende opdrachtgevers, elk met hun eigen wensen. Zo zal een handelaar of galerie, voor wie ikonen handelswaar zijn, andere eisen stellen aan de restauratie dan een particulier. En een museum of iemand voor wie de ikoon een object van devotie is weer andere eisen stellen.
Niet zelden moet voor de handel de ethische code (wat, hoe, en hoever mag een restauratie gaan) plaats maken voor een commerciële benadering, en het stuk derhalve mooier maken dan het is. Dit is niet alleen lastig voor de restaurator die het werk moet verrichten maar ook voor de toekomstige eigenaar die vaak geen zicht heeft op wat wel en niet is gerestaureerd. Slechts een goed geoefend oog ziet dat verschil.

Sommige ikonen worden, om ze ‘aantrekkelijker’ te maken, en ouder te doen lijken, ontdaan van hun gekleurde achtergrond. Dit hoort niet, omdat de oorspronkelijkheid van het stuk wordt aangetast (de ikoon is dan permanent beschadigd). Bij deze restauratie heb ik de achtergrondkleur terug geschilderd waardoor het oorspronkelijke beeld weer zichtbaar is. Ondanks dat de voorstelling in z’n originele kleuren is teruggebracht blijft dit een zwaar beschadigde icoon.

 Parisius 2b

Markus, Noord Rusland, midden 17e eeuw

Bij deze ikoon is slechts datgene gerestaureerd wat noodzakelijk was om de schoonheid van de afbeelding toonbaar te maken.
De kleuren en accenten zijn hersteld, de restauratie is beperkt gebleven tot het ophalen (toonbaar en toegankelijk maken) van sleetse plekken.

Parisius 3
Christus Pantokrator, 17e eeuw, Rusland.
 Overzicht van de verschillende fasen van een restauratie. V.l.n.r zien we het plakken en schoonmaken, vullen, reconstrueren en retoucheren.

487