Ikonen in Vlaanderen

Ikonen in Vlaanderen

J. Brussé

Eén van de dingen die opvallen in de kunst is het feit dat vrijwel alle kunstenaars zich in meer of mindere mate laten inspireren door werk van hun collega’s. Soms is dat heftig en kan er bijna van kopiëren gesproken worden, een andere keer is de invloed wel aanwezig maar niet direct waarneembaar. Een voorbeeld van het laatste is het werk van de schilder Kandinsky die zegt dat (de Russische) ikonen hem zeer hebben geïnspireerd, maar waar het uiteindelijk om wat ruwe vormen en om de kleuren blijkt te gaan.

Uitgaande van bovenstaande constatering vroeg ik mij af of de vroege Vlaamse schilders zich ook door ikonen hebben laten inspireren. Ik heb het dan over schilders als Bouts en Rogier van der Weyden, schilders die meestal religieus werk maakten en die toch ook ikonen in hun omgeving gehad moeten hebben. En ik ben niet de enige die zich dat afvraagt want al studerende kwam ik de catalogus tegen van een ikonententoonstelling die onder de naam Van een andere wereld; onbekende ikonen en Byzantijnse kunst in 1997 in Antwerpen werd gehouden. In het voorwoord spreekt de samensteller van de tentoonstelling, Erik Van-damme, de wens uit dat nu eens spoedig de invloed van de ikonen op de Vlaamse schilderkunst in kaart wordt gebracht. Bij mijn weten is dit tot op dit moment nog niet gebeurd, maar er is intussen wel iets gepubliceerd, al is dat fragmentarisch.

Het is in ieder geval interessant te weten dat er in de middeleeuwen een constante stroom ikonen naar Vlaanderen ging. Eerst vooral via Venetië, later rechtstreeks van Kreta naar Vlaanderen. Er is in Kreta correspondentie gevonden waarin een Vlaamse koopman aan de ikonenschilders vraagt zijn ikonenbestelling sneller uit te voeren omdat hij niet aan de vraag kan voldoen. Na de bezetting van Kreta door de Turken vanaf 1645 zullen de zendingen wel zijn gestopt.

Vlaamsfig1afbwOpvallend in de Vlaamse ikonengeschiedenis is de rol van de ikoon die opgesteld staat in de Kathedraal van Cambrai. Cambrai is bij ons beter bekend als Kamerijk. En Kamerijk was in de Middeleeuwen een belangrijke plaats. Zij ligt in Noord-Frankrijk, aan de bovenloop van de Schelde, op de grens van het Bekken van Parijs en de Vlaamse vlakte. De stad is altijd een bisschopsstad geweest en ze is de afgelopen tweeduizend jaar vele malen van eigenaar gewisseld.

Vlaamsfig3afbeldkwHet is het jaar 1440 als Kanunnik Fursy de Bruille uit Rome terugkomt in Kamerijk en de Kathedraal van die stad een ikoon schenkt die hem via via heeft bereikt maar uiteindelijk komt van de ikonenverzamelaar met de grootste collectie: de paus. Op dat moment heeft de ikoon de naam dat hij één van de ikonen is die de apostel Lucas zelf heeft geschilderd. Dit zorgt ervoor dat de ikoon van de aankomst af hevig wordt vereerd. Met grote plechtigheden wordt de ikoon op Hemelvaartsdag 1441 geïnstalleerd in de kapel van de Heilige Drie-eenheid. Er wordt een broederschap gevormd voor de verering en verzorging van de ikoon en vanaf 1445 wordt zij jaarlijks in processie rondgedragen. De ikoon trekt duizenden pelgrims waaronder Philips de Goede in 1457 en Karel VII in 1460. Koning Louis IX bezoekt de ikoon drie-maal, namelijk in 1468, 1477 en 1478.

Vlaamsfig2afbeeldingZoals u ziet is de ikoon van het type Eleousa. Volgens deskundigen is zij geschilderd rond ongeveer 1340 op een paneel van cederhout en zij is van het type Italo-Byzantijns; dat wil zeggen waarschijnlijk in Italië geschilderd naar een Byzantijns voorbeeld, in dit geval mogelijk in Sienna en mogelijk door iemand uit de kring van Ambrogio Lorenzetti. Daar echter beginnen de meningen al ver uit elkaar te lopen.

Maar het verhaal gaat nog verder en dan bedoel ik het grote aantal verzoeken om de ikoon te kopiëren en die verzoeken beginnen al snel na de installatie in Kamerijk. Zo verzoekt, in april 1454, Jean de Bourgogne aan Petrus Christus om drie kopieën en betaalt hem daarvoor twintig pond. In juni 1455 bestelt de kerkvoogdij van de Kathedraal 12 kopieën bij de schilder Hayne in Brussel en betaalt hem daarvoor twaalf pond. Het grote prijsverschil tussen deze twee opdrachten levert de historici veel stof tot discussie. Daarnaast zoekt men naar antwoord op de vraag waar deze twaalf kopieën voor nodig waren. Eén van de meest voorkomende theorieën is dat de opdracht voor de twaalf kopieën kwam van Filips de Goede die de ikonen wilde gebruiken bij zijn wervende acties voor een strijdmacht voor de bevrijding van Constantinopel. Dat past bij het feit dat in 1453 Konstantinopel in handen van de Ottomanen was gevallen en er op dat moment nog hoop was deze stad te kunnen bevrijden. Wat we in ieder geval zeker weten is dat de Kamerijk-madonna bekend was om zijn helende kracht en het feit dat men de overtuiging had dat kopieën dezelfde helende kracht kregen.

Van de kopieën die Hayne maakte zijn nog enkele exemplaren te bezichtigen, al is de oorsprong niet met volledige zekerheid te bepalen, want de meeste vroege Vlaamse schilders signeerden hun werk niet. Het bijgaande exemplaar hangt in Missouri, in de U.S.A., in het Kunstmuseum van Kansas City. Te zien is de overeenkomst met de Kamerijk-ikoon in houding van de personen, de kleding en allerlei details zoals de manier waarop de nimbus is geschilderd. Hij is uitgevoerd in olieverf. Er is ook een groot aantal verschillen; eigenlijk zoveel dat men meer over een impressie van de ikoon moet spreken in plaats van kopie. De overgang van tempera naar olieverf geeft de schilder ook andere mogelijkheden om de huid te schilderen.

Vlaamsfig4albeeldingsweergaTenslotte dan nog het schilderij van Madonna en kind dat Rogier van der Weyden tussen 1455 en 1460 maakte. Ook hier is sprake van een impressie; de linkerhand van het kind is naar zijn voet gezakt, maar de handen van Maria zijn volkomen identiek aan die op de Madonna die Hayne heeft geschilderd. De houding en verhouding van de twee gezichten echter, lijken naar mijn mening toch meer op die van de Kamerijk-ikoon dan die van Hayne. Het schilderij hangt nu in het Museum of Fine Arts in Houston, in de U.S.A.
Het is niet bekend of er een relatie bestond tussen Hayne van Brussel en Rogier van der Weyden; we weten alleen dat toen de vrouw van Rogier in 1459 een triptiek van haar man afleverde in een andere kerk in Kamerijk, Hayne werd gevraagd om het bijbehorende lijstwerk en het voetstuk te schilderen. Wat we ook weten is dat Rogier in het jubileumjaar 1450 in Rome was en mogelijk daar de Kamerijk-ikoon al heeft gezien.
Het werk van Rogier en de ikoon van Kamerijk heeft ook anderen heeft geinspireerd, daarvan zijn voorbeelden te noemen, maar dat zou hier te ver voeren. De ikoon van Kamerijk staat er nog steeds, helaas wat ver weg en tegenwoordig in een moderne 18e eeuwse kathedraal. Maar zij heeft nog steeds een ereplaats en ze trekt nog steeds veel bezoekers.

Bronnen: o.a. Byzantium, Faith and Power, Edited by Helen c. Evans. Yale University Press, published by the Metropolitan Museum New York, 2004

127