Een ontmoeting met Sint Nicolaas

Een ontmoeting met Sint Nicolaas

Gij die lijfelijk in Myra woonde, 

hebt u waarachtig als mirre betoond,

gezalfd met geestelijke mirre, heilige Nicolaas

hogepriester van Christus.

Naar reukwerk geurend maakt 

gij het gelaat van hen 

die in geloof en liefde 

uw allerwege bezongen nagedachtenis vieren.

Want gij hebt hen gered 

Van ongelukken, gevaren en rampspoed, 

O vader, door uw voorspraak bij de Heer’.

(Uit de hymnen van Sint Nicolaasdag op 6 december)

H. Nikolaas met scenes uit zijn leven, 2e helft 17e eeuw, vita-icoon, 24.5 x 30 cm, Instituto Ellenico di Venezia

Lang voordat ik mij met het schilderen van iconen bezighield, speelde de heilige Nicolaas al een grote rol in mijn leven. Ik ben namelijk geboren op zes december. Dat betekent tot op de dag van vandaag dat de viering van mijn verjaardag gedrapeerd wordt rond de feestdag van de Goedheiligman. Als kind vond ik dat niet zo leuk en misschien heb ik me daarom nooit in hem verdiept.  

Maar nu is de tijd gekomen om de icoon van de heilige Nicolaas en episodes uit zijn leven te gaan schilderen. De route naar deze icoon is wel anders dan anders gegaan. Meestal neem ik een icoon als voorbeeld die me in eerste instantie aanspreekt en waar veel informatie over te vinden is zoals leeftijd en herkomst. Goede foto’s en, als het kan, een bezoek aan de icoon in een kerk of museum geven informatie over gevoel, over de kleuren en het formaat. Van deze icoon weet ik tot nu toe helemaal niets. Ik heb een uitstekende foto en de tekst is in het Grieks. Dat is alles. Ik kan wel andere Nicolaasiconen fysiek bezoeken en ze in stilte tot me laten spreken. Er zijn er genoeg! Dat is een begin. Maar voor deze icoon zal ik het gesprek al schilderend en zoekend naar informatie moeten voeren. Stap voor stap.

De kleurige, levendige afbeeldingen op deze icoon, die ik op internet vond, boeide mij genoeg om hem te kiezen als werkstuk voor het laatste jaar van de derdejaars opleiding iconenschilderen bij Boulevard Magenta onder leiding van Marjan Smit. De opdracht was om een feestdagen- of vitae-icoon te maken in groot formaat en met gebruikmaking van de tot nu behandelde verguldtechnieken. Ik heb gekozen voor een formaat van 80 bij 64 centimeter. Het gewicht van deze lindenhouten plank is negen kilo! 

Mijn zoektocht naar de historische figuur Nicolaas heeft me aanvankelijk geen uitsluitstel gegeven over zijn bestaan. De vele hagiografieën vertonen weliswaar veel overeenkomsten maar ook contradicties. Het lijkt erop dat de levensbeschrijvingen van twee Nicolazen samengevoegd zijn: de bisschop van Myra, het huidige Demre in Turkije en de bisschop van Pinara, een stad ongeveer 100 kilometer ten westen van Myra (zesde eeuw). De eerste is geboren in Patara, circa 280 na Christus. Gezien de afbeeldingen van de scenes uit zijn leven ga ik ervan uit dat het op deze icoon om de eerste Nicolaas gaat.

Volgens Konrad Onasch is hij een zogenaamde ‘synthetische’ persoonlijkheid onder de heiligen, een heilige met een persoonlijkheid die wij als het ware ‘ontwerpen’ met onze eigen wensen en behoeftes en ons lijden en geluk. Zijn naam lijkt daar ook op te duiden. In het Grieks schrijft men Nikolaos. ‘Laos’ betekent ‘kerkvolk’ en ‘nike’ is overwinnen. Nicolaas is de ideale bisschop door wie het eenvoudige kerkvolk zich laat overtuigen. Hij is mensgericht en oordeelt niet. Hij begrijpt het falen van de mensen. Hij is een alom geliefde heilige in de gehele Oosters-Christelijke kerk en patroonheilige van Rusland. Ongeveer 150 wonderen worden aan hem toegeschreven. Nikolaas zou bescherming verlenen en verdediging bij onrecht, hij zou wonderbaarlijke genezingen verrichten en schipbreukelingen redden. Hij is geliefd bij boeren, bakkers, vissers, zeelieden, wezen, gevangenen en migranten. Tsaren, bisschoppen, leken, kerken en dorpen worden vaak naar hem vernoemd. Ook zou hij arme mensen geholpen hebben waar hij kon. Een oud Russisch spreekwoord zegt: “Als God sterft, maken we Nicolaas God”.

Hoe komt het dat hij zo populair is? Het maakt me heel nieuwsgierig en tijdens het zoeken naar informatie begint het een heel klein beetje te dagen.

Kijkend naar de overeenkomsten in afbeeldingen vallen een aantal dingen op. In de eerste plaats natuurlijk zijn uiterlijk: een expressief gezicht en een hoog, breed voorhoofd. En ook zijn zachte, witte krullen en volle baard. Bij mijn icoon viel me de bisschopsmantel op met de geometrische ruitpatronen die kaarsrecht blijven en niet met de plooien meegolven. De ruiten vormen kruizen. Er zijn ook afbeeldingen waar hij een mantel draagt met cirkels of bloempatronen. Over de mantel heen draagt hij een omophorion, een bisschopsstola gemaakt van witte lamswol. De drie kruizen die erop zijn geborduurd verwijzen naar de Triniteit van God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest. De lamswollen stola over de schouders is een symbool voor het wezen van de Goede Herder die de verloren schapen terugbrengt naar de kudde. Nicolaas vertoont hier gelijkenis met de tronende Christus Pantocrator.

Ten slotte zag ik dat aan de linkerzijde van zijn aureool Christus staat afgebeeld met het evangelieboek en aan de rechterzijde Maria met een witte doek. De blikken zijn naar Nicolaas gericht. Of het nu om een Russische, Byzantijnse, Griekse, Bulgaarse, Syrische, Roemeense of Macedonische icoon ging, ze hadden het allemaal en dat boeide me in hoge mate! Wat zou dit betekenen?

Het antwoord was snel gevonden. Hiermee wordt aangegeven dat Nicolaas in de eerste plaats door God zelf was (her)uitverkoren tot bisschop. Hij heeft waarschijnlijk deelgenomen aan het concilie van Nicea in het jaar 325, waar bisschoppen bijeengeroepen waren door keizer Constantijn de Grote (272-337 na Chr), de eerste Christelijke keizer van het Romeinse rijk. De keizer was het gekibbel over de wel of niet Goddelijke aard van Jezus blijkbaar zat. Centraal op dit concilie stond dan ook de vraag: Wie is Jezus? De leer, verkondigd door de Noord-Afrikaanse priester Arius (256-336), had aan populariteit gewonnen. Hij en zijn volgelingen, de Arianen, beweerden dat Jezus niet goddelijk was, terwijl de bisschop van Alexandrië, Athanasius, pleitte voor de stelling dat Jezus waarlijk God was, ‘één in wezen met de Vader’, en pre-existent, dat is, vóór alle tijden bij de Vader was. Nicolaas was het vurig eens met Athanasius en verscheen de keizer in een droom om hem te smeken de goddelijkheid van Jezus te aanvaarden. Volgens de overlevering zou hij zich zo opgewonden hebben tijdens het concilie over de stelling van Arius dat hij hem een oorvijg gegeven heeft. Een karaktertrekje dat me wel aanspreekt. Soms ben je zo van je eigen gelijk overtuigd dat woede over zoveel onbegrip de enige uitweg lijkt. Uiteindelijk was de stemming op het concilie 218 tegen twee. In het nadeel van Arius. Ik begin Nicolaas al een heel klein beetje te kennen. Hij geloofde heilig in de menselijke én goddelijke natuur van Jezus en het dogma van de Drievuldigheid.

Tja, maar slaan mag natuurlijk nooit, zeker niet als je een bisschop bent (zie ook afb. 3). De keizer ontnam hem daarom zijn status en liet hem onder bewaking stellen. En toen volgde een van de vele wonderen uit het leven van Nicolaas: Christus en Maria verschenen hem, en andere concilie gangers, in een visioen waarin ze hem zijn bisschoppelijke waardigheidstekens, evangelieboek en stola, teruggaven. Al snel werd hij ook gerehabiliteerd door de kerk.

Op ‘mijn’ vita-icoon staat een scene van dit concilie afgebeeld (afb. 2). Te zien zijn keizer Constantijn gezeten op een troon en op de voorgrond Nicolaas duidelijk orerend tegen Arius met de zwarte kap. Dit is bijzonder want tijdens mijn zoektocht naar vitae-iconen van Nicolaas heb ik deze scene nergens zo expliciet gezien. Een andere scene op de voorbeeldicoon brengt de verschijning van Nicolaas aan de keizer in beeld. 

De andere scenes op de icoon representeren enkele van de vele bijzondere legendes uit zijn leven. Beginnend links boven en dan met de klok mee vertellen ze:*

1. De heilige wordt tot bisschop gewijd

2. Hij wordt in de gevangenis geworpen

3. Hij wordt bevrijd op bevel van Constantijn

4. Hij vernielt de afgodsbeelden

5. Hij neemt deel aan het Concilie van Nicea (325)

6. Hij brengt voedsel naar de handelaar in Myra 

7. Hij redt de soldaten van executie

8. Hij verschijnt in een droom aan Constantijn en Avlavius

9. Hij redt de zeelieden in de storm

10. De ontslaping van de Hl. Nikolaas

Het schilderproces

Voorlopig heb ik genoeg informatie en enthousiasme verzameld om met schilderen te beginnen. De eerste stap is om het voorbeeld te bestuderen en over te trekken. Tijdens dit kennismakingsproces wordt al veel duidelijk. Je gaat steeds meer details zien. Soms zijn er beschadigingen of een versiering die je niet zo mooi vindt. Onvolkomenheden op het voorbeeld kun je verbeteren. Die vrijheid heeft de iconenschilder. De gezichtsuitdrukking van de heilige is voor mij van doorslaggevend belang. Ik besteed daar veel aandacht aan voordat ik ga schilderen en ik oefen een paar keer op een proefplankje. Nicolaas’ uitstraling is er een van: barmhartigheid, zachtheid en lijden, maar ook een bepaalde strengheid. Heldere ogen. De volgende stap is de tekening op de plank overbrengen. Dan volgt een proces waar ik dol op ben! Het aanbrengen van het bladgoud. Goud vertegenwoordigd op de icoon altijd het Goddelijke, ongeschapen licht. Ik ga twee technieken van goud opleggen gebruiken: polimentvergulden en vast op vloei.

Polimentvergulding is een eeuwenoude techniek en sterker dan vast op vloei. Het is bewerkelijk maar het resultaat is prachtig. Poliment is een mengsel van pigment en lijm waar met water een romige pasta van gemaakt wordt. Deze pasta wordt met een penseel aangebracht en na droging tot hoogglans gepolijst met een harde borstel. Een dikke versie van deze pasta stelt je in staat om reliëf aan te brengen. Over deze laag wordt het losse goud aangebracht (afb. 4-6). Na droging vormen de polimentlaag en het goud een sterke verbinding die met een agaatsteen kan worden gepolijst. Vroeger werd ook wel een honden- of een wolventand gebruikt voor dit doel.

Het vergulden met bladgoud vast op vloei is eenvoudiger. Eerst wordt een laagje mixtion (een goudlijm) aangebracht en daarna kan het bladgoud met het vloeipapier naar boven vastgedrukt worden. Deze methode geeft een kwetsbaarder laag en kan niet gepolijst worden. 

Na het opleggen van goud kan ik gaan schilderen en hoewel ik de hele reis naar het eindresultaat boeiend vind, is het kiezen van kleuren iets speciaals. Dat heeft zoveel aspecten, schildertechnisch en symbolisch, dat het moeilijk is te omschrijven. Ik hoop dat ik ooit een héél klein beetje kan realiseren watMichail Vladimirovitsj Alpatov, een autoriteit op het gebied van Oud-Russische kunst, over iconen zegt:

‘Onafhankelijk van de voorstelling – een vreugdevolle of droevige gebeurtenis – is het altijd evident dat de schilder in de keuze van de kleuren en in de compositie op het paneel probeerde een harmonieus geheel te scheppen, waarin de kleuren elkaar aanvulden, waarin ze vriendelijk voor elkaar waren. Daardoor lijkt het wel dat we de kleuren in de iconen blij kunnen horen luiden. De kleuren harmoniëren met elkaar als bloemen in een mooi boeket; ze geven leven aan het oppervlak van het paneel, en ze leggen daarbij vaak de nadruk op het middengedeelte als de schitterendste, lichtste plek. Wanneer er een evenwicht wordt bereikt tussen koude en warme kleuren, voelt het oog van de beschouwer zich aangenaam in rust, hij heeft het gevoel dat hij zich bevindt in een consequent geordende wereld.’

Bovenstaand is het gevoel dat ik vast wil houden tijdens het schilderen van iconen. Het luisteren naar orthodoxe muziek tijdens het werken draagt daaraan bij.

Nabeschouwing

Aan het begin van mijn zoektocht naar historische feiten over het bestaan van de bisschop van Myra zag ik door de bomen het bos niet meer. Maar geleidelijk aan ben ik ervan overtuigd dat hij werkelijk geleefd heeft. En dat vele van de legendes en verhalen over hem op werkelijkheid berusten en de bron zijn voor de manier waarop in de maand december in alle uithoeken van de wereld zijn feest gevierd wordt. Ik ga tijdens het hele schilderproces verder met mijn zoektocht. *

Voor het schilderen vind ik de historische feiten van ondergeschikt belang. Het gaat tenslotte om de ontmoeting met de heilige waar je een afbeelding van maakt. Toch wil ik het volgende niet onvermeld laten.

Aan het eind van de elfde eeuw werden delen van Klein-Azië door islamitische Turken veroverd. Om het lichaam van Nicolaas in veiligheid te brengen hebben zeelieden uit Bari in Zuid-Italië de overblijfselen uit Myra meegenomen naar hun stad. Daar zouden zij op acht mei 1087 aangekomen zijn. Sinds die tijd zijn de relieken in Bari gebleven, dat uitgroeide tot een pelgrimsoord. Acht mei werd een Nicolaasfeestdag.

In de vijftiger jaren van de 20ste eeuw is het lichaam van Nicolaas, als het in Bari bewaarde lichaam inderdaad dat van Nicolaas is, eenmalig vrijgegeven voor wetenschappelijk onderzoek. Het skelet was intact maar niet helemaal compleet. De onderzoekers vonden de overblijfselen van een man van circa 1,68 meter. De schedel was groot voor iemand van deze lengte. Een latere 3D-reconstructie door forensische onderzoekers aan de hand van foto’s en röntgenfoto’s toont een gezicht met een hoog en breed voorhoofd, hoge haarinplant en geprononceerde jukbeenderen… zoals we hem kennen, geschilderd op iconen.

(Auteur: Madelon Lagendijk)

117